Van de twaalf jaar die Solomon Northup in slavernij werd gehouden, was hij ongeveer een jaar in het bezit van William Ford, een rijke predikant die bekendstond als een nobel en oprecht mens. ‘Het is een feit, zo heb ik geregeld gezien, dat zij die hun slaven het welwillendst behandelden, met de grootste hoeveelheid werk werden beloond. Dit weet ik uit eigen ervaring. Het was een genot meester Ford te verrassen door op een dag meer te werken dan verplicht was, terwijl bij andere meesters de zweep van de opzichter de enige drijfveer was.’