2006-06-01
Via redelijkheid tot zedelijkheid
Publication
Publication
De pedagogische idealen van de Verlichting
Kleio , Volume 47 - Issue 4 p. 21- 23
Tot diep in de negentiende eeuw was het heel gewoon dat kinderen uit de volksklasse met hun ouders meewerkten om de kost te verdienen. De armen hadden de verdiensten van hun kroost hard nodig en zonder toezicht zou het jonge volkje maar over straat zwerven. Burgers zagen aanvankelijk niets kwaads in de kinderarbeid. Wel zagen ze het contrast met het kind uit de burgerij dat dagelijks naar school ging in schone, gesteven kleren of -als het tot de echte elite behoorde -thuis door een gouvernante werd onderwezen. Rijke kinderen leefden al in de zeventiende eeuw in een wereld die was toegesneden op hun behoeften: er was volop speelgoed en volgens mopperende schoolmeesters werden ze thuis niets dan verwend. Die zorgeloze jeugd bleef vooralsnog voorbehouden aan het kind uit de burgerij. Maar de negentiende eeuw deed er alles aan het kind uit de volksklasse naar dat paradijs te voeren. En dat is gelukt. Van een werkend kind werd zelfs het armoedigste een lerend en spelend schoolkind.