Het eindexamenonderwerp voor 2007 en 2008 is veel Nederlanders een vertrouwd verhaal. Voor geschiedenisdocenten geldt dat nog meer: 'De koloniale relatie tussen Nederland(ers) en Nederlands-Indië' werd reeds in 2001 en 2002 geëxamineerd, zij het onder een iets andere titel en met een andere stofomschrijving. Er is echter één belangrijk verschil: in het nieuwe examenonderwerp ligt de nadruk op politieke ontwikkelingen in Nederland en het Nederlandse koloniale beleid. Met deze invalshoek dreigen de complexiteit en de veelkleurigheid van de machtsverhoudingen en het menselijke contact in de kolonie buiten beeld te raken. Hoe waren de relaties tussen kooplui en concubines, tussen blanke bestuurders en Javaanse heersers, tussen planters en koelies? Koloniale politiek en koloniaal beleid zijn niet los te denken van deze op gender en etniciteit gebaseerde betrekkingen.