In een eenvoudig schoolschriftje heeft Wim Lensink, een Arnhemse HBS-leerling, o van 17 september 1944 tot en met augustus 1945 dagelijks aantekeningen gemaakt. Het is een tamelijk nuchter relaas van schokkende gebeurtenissen: gevechten die letterlijk uit de lucht komen vallen, de evacuatie uit de stad en de confrontatie met doden en gewonden. Wim woonde in de Mariënburgstraat, in het centrum van Arnhem. Zijn vader had daar een eigen bedrijf. Ook zijn broer en zus, Piet en Riet, woonden daar. Er komt nog een andere Wim in het verhaal voor; dat is Wim Braakhekke, de verloofde van Riet. Hij wordt aangeduid als Wim (B.). Verder komen we nog een tante tegen: tante Eef. Wim Lensink is in 1944 zestien jaar. De hier afgedrukte dagboek fragmenten zijn niet bewerkt. De oorspronkelijke spelling en interpunctie zijn aan gehouden.