D e vrede van Versailles in 1919 veroorzaakte in Duitsland een schok die de hele maatschappij van hoog tot laag raakte. Het gevolg was dat links en rechts in de Duitse politiek zich op één thema verenigden. Vanaf dat moment had de buitenlandse politiek van de Weimar-republiek nog maar één doel voor ogen: hoe de gevolgen van de vrede van Versailles te minimaliseren, of nog beter, ongedaan te maken? In dit artikel gaat de auteur, leraar geschiedenis en staatsinrichting aan de SG Dordtwyck in Dordrecht, in op de twee opties, die de Duitse buitenlandse politiek had. Wat zou het beste resultaat opleveren, een politiek van zoveel mogelijk tegenwerking en confrontatie of zo goed mogelijk voldoen aan de eisen?